Wat is een dopingcontrole?


Dopingcontroles vormen een essentieel onderdeel van het anti-dopingbeleid. In Nederland wordt het merendeel van de dopingcontroles afgenomen door de Dopingautoriteit. Bij dopingcontroles worden urinemonsters, en in sommige gevallen bloedmonsters afgenomen. Voor de controle op alcoholgebruik kan ademanalyseapparatuur ingezet worden.

Dopingcontrolestation 
Dopingcontroles binnen wedstrijdverband worden uitgevoerd in een speciaal ingericht dopingcontrolestation. Meestal bestaat het station uit een wachtruimte, een werkruimte en een aparte toiletruimte. Het station zal zo worden ingericht dat de sporter voldoende privacy heeft Dopingcontroles buiten wedstrijdverband worden uitgevoerd op een ter plekke geschikt geachte locatie, die de sporter voldoende privacy biedt. Een ideaal dopingcontrolestation bestaat, bij voorkeur, uit drie van elkaar gescheiden, aan één grenzende ruimtes: een wachtruimte, een werkruimte en een separate toiletruimte in de werkruimte voor het verzamelen van het urinemonster.

Een alternatief dopingcontrolestation kan bijvoorbeeld bestaan uit twee van elkaar gescheiden, maar aan één grenzende, ruimtes: een wachtruimte annex werkruimte en een separate toiletruimte in de wacht-/werkruimte. Bij voorkeur wordt de wacht-/werkruimte dan gescheiden door bijvoorbeeld een (kamer)scherm. Indien de toiletruimte zich buiten de wacht-/werkruimte bevindt, kan het soms wenselijk zijn dat de toegangsdeur tot de laatste ruimte afsluitbaar of anderszins beveiligd is (bijvoorbeeld door het plaatsen van een suppoost).

In die gevallen waar het niet mogelijk is een dopingcontrolestation in te richten, beschikt de Dopingautoriteit over een mobiel dopingcontrolestation. Op initiatief van de Dopingautoriteit kan dit station ingezet worden.

Rechten en plichten van de sporter tijdens de dopingcontrole
Om een dopingcontrole zo goed mogelijk te laten verlopen is het belangrijk dat de sporter goed geïnformeerd is over zijn of haar rechten en plichten.

Rechten van de sporter
1. de sporter kan alles vragen met betrekking tot de dopingcontroleprocedure;
2. indien de sporter bezwaren heeft, kan hij/zij die in de daarvoor speciaal gereserveerde ruimte op het dopingcontroleformulier vermelden;
3. de sporter mag vergezeld worden door één begeleider en zonodig door een tolk.

Plichten van de sporter
1. de sporter dient op de hoogte te zijn van de dopingcontroleprocedure;
2. de sporter schikt zich naar de dopingcontroleprocedure;
3. de sporter controleert alle stappen totdat de afnameprocedure is beëindigd;
4. de sporter dient het dopingcontroleformulier en het aanwijzingsformulier te ondertekenen;
5. de sporter dient een identificatiebewijs (met naam en pasfoto) bij zich te dragen. Het is zeer wenselijk dat de sporter zich al bij de aanwijzing kan identificeren.

De sporter is verplicht te identificeren bij aankomst in het dopingcontrolestation. Deze identificatie dient te bestaan uit een pasfoto en naam van de sporter. Mogelijkheden voor identificatie zijn:
• geldig paspoort
• geldige toeristenkaart
• geldig accreditatiebewijs*
• geldig vaarbewijs*
• geldige wapenvergunning*
• geldig licentiebewijs*
• ander geldig licentiebewijs*
• geldig ander licentiebewijs verstrekt door de sportbond*
(* mits voorzien van pasfoto )

Niet tekenen, elke andere weigering, gebrek aan medewerking of enig andere vorm van in gebreke blijven kan tuchtrechtelijke sancties tot gevolg hebben.

Voor meer informatie over dopingcontrole klik hier

Dopingcontroles vormen een essentieel onderdeel van het anti-dopingbeleid. In Nederland wordt het merendeel van de dopingcontroles afgenomen door de Dopingautoriteit. Bij dopingcontroles worden urinemonsters, en in sommige gevallen bloedmonsters afgenomen. Voor de controle op alcoholgebruik kan ademanalyseapparatuur ingezet worden.

Dopingcontrolestation
Dopingcontroles binnen wedstrijdverband worden uitgevoerd in een speciaal ingericht dopingcontrolestation. Meestal bestaat het station uit een wachtruimte, een werkruimte en een aparte toiletruimte. Het station zal zo worden ingericht dat de sporter voldoende privacy heeft. Dopingcontroles buiten wedstrijdverband worden uitgevoerd op een ter plekke geschikt geachte locatie, die de sporter voldoende privacy biedt. Een ideaal dopingcontrolestation bestaat, bij voorkeur, uit drie van elkaar gescheiden, aan één grenzende ruimtes: een wachtruimte, een werkruimte en een separate toiletruimte in de werkruimte voor het verzamelen van het urinemonster.

Een alternatief dopingcontrolestation kan bijvoorbeeld bestaan uit twee van elkaar gescheiden, maar aan één grenzende, ruimtes: een wachtruimte annex werkruimte en een separate toiletruimte in de wacht-/werkruimte. Bij voorkeur wordt de wacht-/werkruimte dan gescheiden door bijvoorbeeld een (kamer)scherm. Indien de toiletruimte zich buiten de wacht-/werkruimte bevindt, kan het soms wenselijk zijn dat de toegangsdeur tot de laatste ruimte afsluitbaar of anderszins beveiligd is (bijvoorbeeld door het plaatsen van een suppoost). In die gevallen waar het niet mogelijk is een dopingcontrolestation in te richten, beschikt de Dopingautoriteit over een mobiel dopingcontrolestation. Op initiatief van de Dopingautoriteit kan dit station ingezet worden.

Rechten en plichten van de sporter tijdens de dopingcontrole
Om een dopingcontrole zo goed mogelijk te laten verlopen is het belangrijk dat de sporter goed geïnformeerd is over zijn of haar rechten en plichten.

Rechten van de sporter
1. de sporter kan alles vragen met betrekking tot de dopingcontroleprocedure;
2. indien de sporter bezwaren heeft, kan hij/zij die in de daarvoor speciaal gereserveerde ruimte op het dopingcontroleformulier vermelden;
3. de sporter mag vergezeld worden door één begeleider en zonodig door een tolk.

Plichten van de sporter
1. de sporter dient op de hoogte te zijn van de dopingcontroleprocedure;
2. de sporter schikt zich naar de dopingcontroleprocedure;
3. de sporter controleert alle stappen totdat de afnameprocedure is beëindigd;
4. de sporter dient het dopingcontroleformulier en het aanwijzingsformulier te ondertekenen;
5. de sporter dient een identificatiebewijs (met naam en pasfoto) bij zich te dragen. Het is zeer wenselijk dat de sporter zich al bij de aanwijzing kan identificeren.

De sporter is verplicht te identificeren bij aankomst in het dopingcontrolestation. Deze identificatie dient te bestaan uit een pasfoto en naam van de sporter. Mogelijkheden voor identificatie zijn:
• geldig paspoort
• geldige toeristenkaart
• geldig accreditatiebewijs*
• geldig vaarbewijs*
• geldige wapenvergunning*
• geldig licentiebewijs*
• ander geldig licentiebewijs*
• geldig ander licentiebewijs verstrekt door de sportbond*
(* mits voorzien van pasfoto )

Niet tekenen, elke andere weigering, gebrek aan medewerking of enig andere vorm van in gebreke blijven kan tuchtrechtelijke sancties tot gevolg hebben.

Voor meer informatie over dopingcontrole klik hier

Dopingcontroles vormen een essentieel onderdeel van het anti-dopingbeleid. In Nederland wordt het merendeel van de dopingcontroles afgenomen door de Dopingautoriteit. Bij dopingcontroles worden urinemonsters, en in sommige gevallen bloedmonsters afgenomen. Voor de controle op alcoholgebruik kan ademanalyseapparatuur ingezet worden.

Dopingcontrolestation
Dopingcontroles binnen wedstrijdverband worden uitgevoerd in een speciaal ingericht dopingcontrolestation. Meestal bestaat het station uit een wachtruimte, een werkruimte en een aparte toiletruimte. Het station zal zo worden ingericht dat de sporter voldoende privacy heeft Dopingcontroles buiten wedstrijdverband worden uitgevoerd op een ter plekke geschikt geachte locatie, die de sporter voldoende privacy biedt. Een ideaal dopingcontrolestation bestaat, bij voorkeur, uit drie van elkaar gescheiden, aan één grenzende ruimtes: een wachtruimte, een werkruimte en een separate toiletruimte in de werkruimte voor het verzamelen van het urinemonster. 

Een alternatief dopingcontrolestation kan bijvoorbeeld bestaan uit twee van elkaar gescheiden, maar aan één grenzende, ruimtes: een wachtruimte annex werkruimte en een separate toiletruimte in de wacht-/werkruimte. Bij voorkeur wordt de wacht-/werkruimte dan gescheiden door bijvoorbeeld een (kamer)scherm. Indien de toiletruimte zich buiten de wacht-/werkruimte bevindt, kan het soms wenselijk zijn dat de toegangsdeur tot de laatste ruimte afsluitbaar of anderszins beveiligd is (bijvoorbeeld door het plaatsen van een suppoost). In die gevallen waar het niet mogelijk is een dopingcontrolestation in te richten, beschikt de Dopingautoriteit over een mobiel dopingcontrolestation. Op initiatief van de Dopingautoriteit kan dit station ingezet worden.

Rechten en plichten van de sporter tijdens de dopingcontrole
Om een dopingcontrole zo goed mogelijk te laten verlopen is het belangrijk dat de sporter goed geïnformeerd is over zijn of haar rechten en plichten.

Rechten van de sporter
1. de sporter kan alles vragen met betrekking tot de dopingcontroleprocedure;
2. indien de sporter bezwaren heeft, kan hij/zij die in de daarvoor speciaal gereserveerde ruimte op het dopingcontroleformulier vermelden;
3. de sporter mag vergezeld worden door één begeleider en zonodig door een tolk.

Plichten van de sporter
1. de sporter dient op de hoogte te zijn van de dopingcontroleprocedure;
2. de sporter schikt zich naar de dopingcontroleprocedure;
3. de sporter controleert alle stappen totdat de afnameprocedure is beëindigd;
4. de sporter dient het dopingcontroleformulier en het aanwijzingsformulier te ondertekenen;
5. de sporter dient een identificatiebewijs (met naam en pasfoto) bij zich te dragen. Het is zeer wenselijk dat de sporter zich al bij de aanwijzing kan identificeren.

De sporter is verplicht te identificeren bij aankomst in het dopingcontrolestation. Deze identificatie dient te bestaan uit een pasfoto en naam van de sporter. Mogelijkheden voor identificatie zijn:
• geldig paspoort
• geldige toeristenkaart
• geldig accreditatiebewijs*
• geldig vaarbewijs*
• geldige wapenvergunning*
• geldig licentiebewijs*
• ander geldig licentiebewijs*
• geldig ander licentiebewijs verstrekt door de sportbond* (* mits voorzien van pasfoto )

Niet tekenen, elke andere weigering, gebrek aan medewerking of enig andere vorm van in gebreke blijven kan tuchtrechtelijke sancties tot gevolg hebben.

Voor meer informatie over dopingcontrole klik hier